Hoe heb jij je losgemaakt van je autistische ouder?

Kind van Auti

Deze vraag stelden we in juli 2021 via de nieuwsbrief.
Hieronder een reactie op deze vraag.

Reactie

Woorden geven aan een levenservaring

Sinds een jaar is langzaam het besef aan het indalen dat ik mogelijk een autistische moeder en een broer met Asperger heb. En een vader met PTST, ADD of toch ook autisme? Allemaal niet gediagnosticeerd, vanwege naar ik vermoed, de hoge intelligentie die erbij zit. Ik kwam vorig jaar bij toeval op de site van KAsper terecht. Ik schrok me wild toen ik de gelijkenis las met andere kinderen van autistische ouders. Een totale schok. Langzaam, heel langzaam, begint door te dringen hoe het is om in een gezin te zijn opgegroeid waarin emoties geen onderdeel zijn van het leven behalve boosheid. Ik heb altijd het gevoel gehad, dat het leven een spel was, waar ik de spelregels niet van begreep. Met jarenlange depressies en uiteindelijk suïcidale gedachten tot gevolg. Niet wetend wat ik met dit leven aan moest. Totale doelloosheid, terwijl ik wel gewoon studeerde en werkte om een soort van wat van mijn leven te maken. Ik ben de tel kwijtgeraakt van het aantal burn-outs. 5?

Ik ben nog niet in staat te voelen hoe vreselijk eenzaam dat voor mij gevoeld moet hebben als kind. Ik kan het me wel voorstellen, maar nog niet voelen. Maar het was vooral ook letterlijk gekmakend, omdat alles altijd mijn eigen schuld was volgens mijn familieleden. “Je doet te moeilijk”, “je moet er niet zo in blijven hangen”, “gewoon van je rug af laten glijden”, “dat had je anders moeten doen”. Je wordt er letterlijk gek van als iedere keer je gevoel en waarheid ontkent wordt. Nare intenties of opmerkingen komen bij mij keihard binnen. Ik voel me vaak overrompeld als me dat overkomt, met stomheid geslagen. Niet in staat mij uit te spreken of erop te reageren. Ik heb zoveel van dit soort verbale klappen gehad, die werden uitgelegd als dat ik moeilijk deed. “Zo bedoelden we het toch helemaal niet? Zo vat jij het op!” Het bespreekbaar maken dat ik autisme zie in mijn familie, is voor mij geen optie. Ze verklaren me voor gek. Ìk was toch het probleem en zorgenkindje van het gezin!

Mijn moeders angsten uiten zich als zorgen over mij. Ze is geobsedeerd door mij. Toen ik een tijd geleden geen contact meer met haar wilde, kreeg ik haar woede over mij heen. Wie dacht ik wel niet wie ik was? Waar haal ik het gore lef vandaan om ‘nee’ tegen je moeder te zeggen? Ze belde me om de haverklap, ondanks dat ik niet opnam. Ze stuurde me mails. Zonder psychologische hulp had ik nooit mijn poot stijf kunnen houden. Ik hoor het mijn psychotherapeut nog zeggen: “Kras in de plaat. Blijf hetzelfde herhalen dat je geen contact wil, zonder uitleg. En vervolgens consequent niet ingaan op haar poging tot contact”. Terwijl de telefoon ging, gierde de angst voor mijn eigen moeder door mijn lijf. Ik stond te trillen op mijn benen. Maanden achter elkaar.

Dwangmatig. Mijn moeder is dwangmatig met mij bezig. Het is een combinatie tussen het syndroom van Münchhausen by proxy en gaslighting, maar dan op emotioneel gebied. Allemaal onder het mom van goede zorg, “ik weet wat goed voor mijn dochter is”. Het is heel moeilijk er woorden aan te geven, omdat het gedrag dat ze vertoont geen consequenties heeft in de realiteit (ze bezoekt geen dokter met me bv), alleen in woorden en gevoel. Ze heeft me nooit fysiek mishandeld, de huid vol gescholden, oid. Mijn familieleden hebben mijn waarheid ontkracht en me geen ruimte gegeven en dat is een hele subtiele vorm van geweld.

Laatst besefte ik me: mijn moeder heeft mij nooit in de buitenwereld beschermd. Mijn vader heeft me in de gezinswereld niet beschermd tegen het dwangmatige gedrag van mijn moeder. Hij durfde de confrontatie met haar niet aan te gaan. Hij zag het gebeuren, maar deed er niets aan. Het is een soort emotioneel inspinnen, waarbij zij de sterkere is en ik de zwakkere. De enige optie voor mij als baby was onbewust een symbiose aangaan met mijn moeder, zodat ik zoveel mogelijk kon anticiperen op haar angsten. Ik heb geen of nauwelijks herinneringen van mijn jeugd. Dat begint zo’n beetje toen ik 6 jaar was.

Recentelijk is er een ernstige ziekte gediagnosticeerd bij mijn moeder. Sindsdien heeft ze geheugenproblemen. Het lijkt dementie, maar ik vraag me af of dat het is. Ze kan niet omgaan met de realiteit dat ze ziek is en dus de zwakkere (in haar ogen) en dus verschuilt haar geest zich in alle hoeken en gaten die het kan vinden.

Veel hulpverleners heb ik in mijn leven gezien, vanwege mijn doelloosheid, burn-outs, depressies. Maar geen van allen had door dat het hier om een vorm van vermoedelijk autisme gaat bij mijn familieleden. Ook niet dat er sprake was van symbiose. De kans was groot dat ik hen toch niet geloofd had, omdat ik alle schuld bij mezelf zocht en geloofde in mijn moeders ongenaakbaarheid. Geloven is eigenlijk niet het goede woord. Het was gewoon zo.

Over een paar maanden verhuis ik naar een ander deel van het land, verder weg van mijn familie vandaan. En heel eerlijk, ik kijk er naar uit. Maar ik weet dat in mij ook nog een grotere afstand gecreëerd moet worden om echt, nu ik dit jaar 50 word, op eigen benen ga staan. Het is een hele, hele lange weg om mezelf weer eindelijk terug te vinden en alle puzzelstukjes op zijn plaats te leggen.

Een paar weken later na het schrijven van bovenstaande tekst komt langzaam, stukje bij beetje, het gevoel van eenzaamheid bovendrijven:

Hoe ik ook spartel
ik krijg geen contact

Wat ik ook doe
ik krijg geen contact

Wat ik ook laat
ik krijg geen contact

Mijn verlangen
machteloos
tegenover
jouw gesloten deur
van angst